Hersentumor
Een tumor is een gezwel dat ontstaat wanneer lichaamscellen door ongecontroleerde celdeling gaan woekeren. Er bestaan verschillende soorten hersentumoren; een metastase (uitzaaiing) in de hersenen en een astrocytoom komen het meeste voor.
Oorzaak
Een gezwel groeit het omringende weefsel in; wanneer het de neiging heeft naar andere delen van het lichaam uit te zaaien, spreken we van een kwaadaardig gezwel. Bij een hersentumor is dit onderscheid minder van belang: ook een goedaardig gezwel neemt ruimte in de schedel in, waardoor hersenweefsel in de verdrukking raakt.
Symptomen
De klachten die een hersentumor geeft, kunnen sterk verschillen en zijn afhankelijk van plaats en grootte. Mogelijke verschijnselen zijn: hoofdpijn, misselijkheid, verlammingen, epilepsie, slaperigheid, gehoor- en gezichtsstoornissen.
Gevolgen
Afhankelijk van de plaats van de tumor, kunnen de gevolgen onder andere zijn: ongeremde emoties, afasie, apraxie (het onvermogen complexe handelingen in de juiste volgorde te verrichten), neglect (onbewustheid van wat zich aan één zijde van het lichaam afspeelt) en hemianopsie (uitval van het gezichtsveld). De toekomstverwachting van iemand met een hersentumor verschilt van persoon tot persoon.
Diagnose
Een neuroloog stelt aan de hand van de verschijnselen een hersentumor vast. Tevens kan een CT- of MRI-scan de tumor in de hersenen laten zien. Op de afbeelding is een MRI-scan te zien van een hersentumor, in dit geval een 'laaggradig glioom'.

Behandeling
De behandeling is afhankelijk van het soort tumor en het stadium waarin deze zich bevindt. Tumorcellen zitten tussen gezond weefsel waardoor ze moeilijk operatief te verwijderen kunnen zijn. Een bestralingskuur of chemotherapie (medicijnen) kan hierna voorkomen dat een gezwel weer terugkomt.




