Huilen

Maandag 21 maart 2016. Geplaatst onder: Ziekte van Lyme door Esmee Kamphuis

Dat zoiets vanzelfsprekends als weer en wind -waar wij Nederlanders dagelijks over klagen en op sociaal ongemakkelijke momenten graag een gesprek over aanknopen- zó níét vanzelfsprekend voor mij zou worden, had ik nooit gedacht. Het is natuurlijk heel triest, maar tegelijkertijd ook heel mooi.


Na een weekend vol regen en grauwe mistroostigheid, was het eindelijk droog. Er stak een huilende wind op, die met haar onheilspellende klanken menig huis als spookhuis deed klinken. Het duister van de avond was inmiddels gevallen en zette het gekerm van de wind kracht bij. Oude bomen kraakten door de onnatuurlijke positie waarin ze gedwongen werden. Voor het eerst in veel te lange tijd kwam ik even buiten.


Mijn vriend duwde me in mijn rolstoel van het huis waar we dit weekend verbleven naar de auto. Mijn lichaam voelde teer en uitgeput. Ik had, ondanks de genuttigde pijnmedicatie, pijn tot in elke zenuwuiteinde en elke spier. Mijn lichaam had sterk de behoefte om plat te liggen en liet dit duidelijk merken. Mijn hoofd gonsde en bonsde uit protest tegen mijn verticale ‘rolstoel'-houding. Gelukkig was de afstand van het huis naar de auto maar een klein stukje. Eenmaal over de drempel sloeg de wind meteen om ons heen. 'Wat een heerlijk weer! Ik hou hier van!' zei ik tegen mijn vriend. Ook besefte ik me dat het veel te warm was voor de tijd van het jaar. 'Het waait hard, maar wat is het zacht!', zei ik. 'Daar klopt geen snars van.' 

Waar mijn lichaam in de rolstoel hing, zat mijn geest wakker en alert rechtop om zoveel mogelijk frisse lucht te absorberen. Met ondersteuning van mijn vriend verplaatste ik me van de rolstoel naar de bijrijdersstoel in de auto. 'Wil je de deur open laten staan?', vroeg ik hem,'dan kan ik er nog even van genieten'. Mijn vriend leek zich bij mijn vraag pijnlijk bewust van het feit dat ik zo weinig buiten kom. Zijn gezicht betrok en hij liep zwijgend met mijn rolstoel naar de achterkant van de auto om deze in te laden. Vervolgens liep hij terug naar het huis om de laatste spullen te pakken.

Ondertussen zakte mijn hoofd dankbaar op de hoofdsteun van de autostoel. Ik tuurde via de open deur omhoog om te kijken of ik ook sterren kon zien, maar het was te bewolkt. Met enorme kracht waaide de wind langs mij de auto binnen. Ik had even een moment met de wind voor mijzelf. Een rilling gierde door mijn lijf. Ondanks het feit dat de wind een zachte temperatuur had kreeg ik het koud. Fijn, dacht ik, fijn dat ik even koud kan worden van de wind. Tranen welden op achter mijn ogen. Wat heb ik dit toch ontzettend gemist, dacht ik vol weemoed. Tegelijkertijd genoot ik enorm.

 

De harde wind blies de tranen uit mijn ogen, waardoor ze over mijn wangen rolden. Tranen van verdriet en geluk tegelijkertijd. Het soort tranen dat ik pas ken sinds ik chronische Lyme heb. Op dat moment veroorzaakt door zoiets ‘simpels' als de wind.

 

Esmee

 

Lees hier de vorige blog van Esmee

 

Esmee is ook blogger voor Gezondheid & Co. Lees hier haar verhaal.

 


Meer artikelen in Ziekte van Lyme

Reageer op dit artikel