Home
Alles over hersenen
De hersenen
Hersenen in het kort
Delen

Hersenen in het kort

De hersenen worden ook wel encephalon of brein genoemd. Ze vormen het deel van het centrale zenuwstelsel dat binnen de beschermende schedel ligt. In deze grijze massa van zo'n 1330 gram worden allerlei vitale lichaamsfuncties (zoals ademhaling en hartslagfrequentie) gereguleerd, en vinden belangrijke mentale processen zoals denken en voelen plaats. De besturing van de motoriek van het lichaam (zoals bewegen van armen en benen) wordt gecoördineerd in de hersenen. De hersenen zelf voelen geen pijn, maar registreren wel de pijn die we ergens anders in het lichaam voelen.

Indeling van de hersenen

Groeven (sulci) worden afgewisseld met windingen (gyri) Globaal zijn de hersenen in te delen in

 

Voor meer informatie over de anatomie kunt u hier een prachtige (engelstalige) 3D-animatie van de hersenen bekijken. 

 

De grote hersenen zijn verdeeld in twee helften, hemisferen genoemd. Deze linker- en rechterhelft worden met elkaar verbonden door de hersenbalk. Dankzij deze verbinding kunnen de twee helften met elkaar communiceren en staat informatie uit de ene hersenhelft dus voortdurend ter beschikking aan de andere hersenhelft.

 

De twee hersenhelften zijn opgebouwd rondom de vier hersenkamers (ventrikels). Deze kamers zijn gevuld met hersenvocht (liquor).

 

De hersenschors is de buitenste laag van de hersenen. Deze laag ligt aan de oppervlakte en wordt ook wel cortex genoemd. De hersenschors is sterk gevouwen waardoor de hersenen een gerimpeld uiterlijk hebben. Groeven (sulci) worden afgewisseld met windingen (gyri), waardoor de hersenschors een groot oppervlakte heeft. Daardoor wordt de hoeveelheid zenuwcellen die de hersenen kunnen bevatten groter.

 

Sommige groeven zijn dieper dan andere. De diepe groeven verdelen de hersenen in vier grote kwabben:

  • slaapkwab (temporaalkwab).

 

De minder bekende vijfde hersenkwab is de insula: een driehoekig stuk hersenschors dat verstopt zit in een diepe hersengroeve. De frontaalkwab is de grootste kwab. Hij wordt gezien als het meest geavanceerde deel van de hersenen, omdat deze kwab verantwoordelijk is voor het menselijke bewustzijn.

Zenuwcellen

De hersenen bestaan naar schatting uit honderd miljard zenuwcellen (neuronen). Een zenuwcel bestaat uit een cellichaam met meerdere korte uitlopers en één lange uitloper. De korte uitlopers zijn dendrieten en de lange uitloper is een axon.

 

De zenuwcellen communiceren onderling met elkaar door middel van het uitwisselen van elektrische signalen via de uitlopers. De informatie die moet worden overdragen, wordt gevormd door het patroon van elektrische signalen. Het patroon wordt bepaald door het aantal signalen en de zenuwcellen die erbij betrokken zijn. In het zenuwstelsel kan dit patroon over grote afstanden worden vervoerd via axonen. De lange axonen geleiden signalen van het cellichaam af. Een bundel axonen heet een zenuw. Dendrieten zijn korte uitlopers van zenuwcellen, die signalen opvangen en naar de zenuwcel toe leiden.

 

Als het elektrische signaal het einde van het axon bereikt, kan het niet meer verder. Tussen het axon en de dendriet van de volgende zenuwcel zit namelijk een kleine ruimte. Om deze ruimte te overbruggen worden de elektrische signalen omgezet in chemische signalen. Hiervoor liggen er aan het einde van het axon blaasjes opgeslagen met chemische signaalstoffen. Deze signaalstoffen worden neurotransmitters genoemd. Op het moment dat het elektrische signaal bij het einde van het axon is, worden de neurotransmitters losgelaten uit de blaasjes. Ze komen terecht in de ruimte tussen de twee uitlopers van de verschillende zenuwcellen en verplaatsen zich naar het uiteinde van de andere zenuwuitloper. Op dit uiteinde (de dendriet) zitten receptoren die de neurotransmitters kunnen herkennen. De neurotransmitters binden aan een receptor, waardoor er weer een elektrische stroom gaat lopen. Het signaal wordt zo verder gestuurd. Dit gebied waar de chemische overdracht tussen twee zenuwcellen plaatsvindt heet een synaps.

 

De hersenen bestaan uit witte stof en grijze stof. De grijze stof bestaat uit de cellichamen van zenuwcellen. De witte stof bevat de lange uitlopers (de axonen) van deze zenuwcellen. De uitlopers van de zenuwcellen zijn omwonden door speciale isolerende cellen die een witte substantie bestaande uit eiwitten en vetten bevatten. Deze witte substantie is myeline en hieraan ontleent de witte stof haar naam.

Gliacellen

Naast zenuwcellen bevatten de hersenen ook andere cellen, de gliacellen. Gliacellen zijn cellen met een ondersteunende functie in de hersenen en worden ook wel steuncellen genoemd. Ze ruimen onder andere afgestorven zenuwcellen op en zorgen voor de stevigheid van de hersenen. De hersenen bevatten naar schatting negen keer zoveel gliacellen als zenuwcellen.

Er zijn verschillende soorten gliacellen, zoals oligodendrocyten, astrocyten en microglia.

  • De oligodendrocyten vormen de witte isolatielaag (myelineschede) rond de axonen. Deze laag van myeline verhoogt de snelheid en efficiëntie van de informatie-overdracht door de axonen. Wordt deze myelineschede afgebroken, dan stokt de communicatie tussen de zenuwcellen.
  • Astrocyten zijn gliacellen die onder andere de hoeveelheden van verschillende neurotransmittermoleculen in de synapsen reguleren. Bij schade zorgen deze gliacellen ervoor dat groeifactoren vrijkomen om zo het herstel te bevorderen. Ook dragen ze bij aan de energiebehoefte van neuronen.
  • Microglia vormen een belangrijk onderdeel van het immuunsysteem van de hersenen. Deze gliacellen bestrijden infecties en reageren op stoffen die de zenuwcellen kunnen beschadigen.

Bescherming van de hersenen

Omdat de hersenen zo belangrijk zijn voor het menselijk lichaam, worden ze op diverse manieren goed beschermd. In de eerste plaats zijn ze ingepakt in de harde schedel. Binnenin de schedel worden de hersenen omgeven door drie hersenvliezen (meninges). Het binnenste zachte hersenvlies (pia mater, zie afbeelding, nr 3) bevat bloedvaten. Hier omheen zit het spinnenwebvlies (arachnoidea, zie afbeelding, nr 2). Om deze twee vliezen heen ligt het beschermende harde hersenvlies (dura mater, zie afbeelding, nr 1).

 

In de ruimte tussen de twee binnenste vliezen lopen veel bloedvaten en bevindt zich hersenvocht. De hersenen drijven als het ware in dit hersenvocht, dat als een stootkussen voor de hersenen en het ruggenmerg dient. Het hersenvocht wordt geproduceerd door de hersenkamers en wordt drie keer per dag geheel vervangen. Dagelijks produceren de hersenkamers hiervoor tussen de vier- en vijfhonderd milliliter hersenvocht (bijna een halve liter!). De voortdurende verversing van het hersenvocht zorgt voor de afvoer van afvalstoffen en helpt het bij het handhaven van een goede lichaamstemperatuur.

 

Bloed-hersenbarrière

Naast deze fysieke bescherming worden de hersenen ook immunologisch extra beschermd door middel van de bloed-hersenbarrière. Een extra stevige afsluiting van de bloedvaten in de hersenen zorgt ervoor, dat slechts enkele vitale stoffen (waaronder natuurlijk zuurstof en glucose) de zenuwcellen kunnen bereiken. Vreemde stoffen, waaronder helaas ook medicijnen, bereiken hierdoor de hersenen veel moeilijker. Op dit moment is onderzoek in volle gang, die de toegangspoort tot de hersenen toch op een kier probeert te zetten.

Lees hier meer informatie over de bloed-hersenbarrière.

Dit is contactinfo