Home
Onderzoek
Uitgelicht onderzoek
Translationeel onderzoek
Delen

Translationeel onderzoek

Een belangrijke doelstelling van de Hersenstichting is om hersenaandoeningen behandelbaar en geneesbaar te maken. Voordat veelbelovende ontdekkingen uit hersenonderzoek daadwerkelijk als behandeling bij patiënten toegepast kan worden, is een aantal stappen nodig. Allereerst is het noodzakelijk om bij een kleine groep patiënten aan te tonen dat de nieuwe interventie effect heeft en veilig is: dit heet translationeel onderzoek.
Dergelijk onderzoek stelt hoge eisen en is daardoor tijdrovend, arbeidsintensief en duur.

In het kader van het Programma Translationeel Onderzoek (een samenwerking van ZonMw met de Samenwerkende Gezondheidsfondsen) draagt de Hersenstichting bij aan de volgende projecten:

Kan de inzet van looprobots het looppatroon na een beroerte verbeteren?

Het weer leren lopen na een beroerte is voor veel mensen een zeer belangrijk revalidatiedoel. De laatste jaren is er steeds meer interesse voor de inzet van looprobots in de revalidatie. Het biedt de mogelijkheid om al vroeg in de revalidatie intensief en actief te trainen, met een minimale belasting voor de therapeut. Het is bewezen dat voor mensen in de eerste drie maanden na een beroerte het trainen met een looprobot de kans om weer zelfstandig te lopen vergroot. De LOPES II is een nieuwe generatie looprobot, die de beweging alleen ondersteunt daar waar het nodig is (het zogenaamde ‘assisted-as-needed' principe). Dit in tegenstelling tot klassieke looprobots die gebruik maken van een ‘one-size-fits-all' principe. De LOPES II kan het looppatroon individueel op één (of meer) onderdelen bijsturen. Verwacht wordt dat de mensen met een beroerte tijdens hun primaire revalidatie hierdoor actiever leren, waardoor zij hun looppatroon daadwerkelijk kunnen verbeteren.


Projectleider: Dr. J.H. Buurke

Worden psychotische stoornissen deels veroorzaakt door een auto-immuunziekte?

Psychotische stoornissen, zoals schizofrenie en bipolaire stoornis, zijn ernstige psychische aandoeningen die meestal ingrijpende gevolgen hebben voor de gezondheid en het dagelijks leven van patiënten en hun naasten. De mogelijkheden voor behandeling zijn nog altijd zeer beperkt en gericht op het bestrijden van symptomen met antipsychotica maar niet op het onderdrukken van het ziekteproces. De onderzoekers vermoeden dat een deel van de patiënten met een psychotische stoornis eigenlijk een auto-immuunziekte heeft en dat die net als andere auto-immuunziektes goed behandelbaar zou moeten zijn.
Het is van essentieel belang dat er verder onderzoek gedaan wordt naar deze specifieke oorzaak van psychose omdat dit een groot voordeel zou kunnen hebben voor de betreffende patiënten. Er zijn namelijk goede therapeutische mogelijkheden om een auto-immuunreactie in te dammen en we verwachten dat een psychose die wordt veroorzaakt door een auto-immuunreactie hier goed op reageert.


Projectleider: Dr. P. Martinez Martinez

Verbetert toevoeging van cannabidiol het effect van blootstellingstherapie

Angststoornissen zoals agorafobie (‘pleinvrees’) en een sociale fobie vormen een serieus gezondheidsprobleem in het leven van zo’n 19% van de Nederlandse bevolking. Een eerste keuze behandeling van fobieën bestaat uit cognitieve gedragstherapie met exposure (blootstelling) aan de gevreesde situaties, al dan niet gecombineerd met antidepressiva.

 

Ondanks een redelijke effectiviteit van deze behandelingen heeft ongeveer veertig procent van de patiënten hier onvoldoende baat bij. Er is ook veel uitval: patiënten stoppen, ontmoedigd door eerdere mislukkingen, voortijdig met de therapie doordat een mogelijk effect lang op zich laat wachten.

 

In dit onderzoek wordt het effect van toevoeging van een geheel nieuw middel (cannabidiol of CBD, een niet-psychoactief bestanddeel van cannabis) aan blootstelling onderzocht.

 

Er zijn drie belangrijke redenen voor dit onderzoek:

  1. In de eerste plaats wordt onderzocht of cannabidiol op korte en lange termijn effectief is in het versterken en/ of versnellen van het effect van exposure therapie. Wanneer dit het geval is, zal therapie bij deze groep effectiever zijn, en zal ook het percentage patiënten dat uitvalt uit therapie afnemen doordat het therapie effect sneller merkbaar is.
  2. Cannabidiol heeft een ander werkingsprofiel dan de tot nog toe gebruikte antidepressiva. Wanneer dit middel toegevoegde waarde blijkt te hebben in de behandeling van fobieën, kan cannabidiol in de toekomst een welkom alternatief vormen voor antidepressiva, met name voor diegenen die antidepressiva moeilijk verdragen.
  3. Het onderzoek heeft ook als doel om - op basis van klinische en genetische kenmerken - een profiel te ontwikkelen van die patiënten die het meeste baat hebben bij de behandeling met cannabidiol. Door een behandeling ‘op maat’ te ontwikkelen draagt dit onderzoek bij aan de zgn. "personalised medicine", een belangrijke stroming in de behandeling van patiënten, waardoor patiënten in de toekomst behandelstappen kunnen overslaan die bij hen (op basis van hun genetisch profiel) minder goed zullen werken.

 

Projectleider: Dr. J.P.M. Baas

Dit is contactinfo