Home
Actueel
Blogs
Nachtelijk dromenavontuur

Nachtelijk dromenavontuur

Maandag 6 oktober 2014. Geplaatst onder: HersenenSlaap door Mark Mieras

Zelden droom ik. Ik ontwaak 's ochtends uit een sereen niets. Anderen dromen bijna iedere nacht, zo blijkt uit onderzoek. Die maken dus veel meer mee in hun leven. Of misschien maak ik het ook mee, heb ik even woelige nachten vol drama, verwarring en avontuur, maar ben ik de volgende ochtend alles glad vergeten. Dat is wat slaaponderzoekers denken. Ieders slaap is vol met dromen, maar de een onthoudt daarvan meer dan de ander.

 

‘Veeldromers', zo blijkt uit onderzoek, zijn 's nachts vaker wakker dan ‘weinigdromers'. Ze steken hun hoofd vaker even boven het oppervlak van hun slaap om dan weer onder te duiken. En dat is het moment waarop hun geheugen de kans krijgt om een droom te betrappen en op te slaan. Zolang we slapen is het geheugen uitgeschakeld en laten dromen geen herinnering na.

 

Onderzoekers van het Lyon Neuroscience Research Center vergeleken onlangs de hersenactiviteit van 41 vrijwilligers. Ze ontdekten dat de veeldromers onder hen - gemiddeld 5,2 dromen per nacht - opvallend meer activiteit hebben in de zogeheten temporopariëtale junctie dan de weinigdromers - gemiddeld 2 dromen per maand! Dat is interessant, want deze plooi in de hersenen heeft onder meer tot taak om de aandacht te richten op externe prikkels. Op geluiden bijvoorbeeld, terwijl we liggen te slapen. Daarom schieten de veeldromers 's nachts regelmatig even wakker. Die ‘microwaakjes' kunnen ze zich de volgende ochtend niet herinneren, wel de dromen die hun geheugen daarbij heeft opgepikt. We moeten dromen dus op heterdaad betrappen om ze ons te herinneren. Slaagt je geheugen daar niet in, dan is het alsof de wereld in onze slaap leeg is.

 

Nieuwsgierig deed ik onlangs mee aan een slaaponderzoek. Ik sliep in mijn eigen bed met een tros draadjes aan mijn hoofd. Naast mijn kussen lag een draagbare recorder. Zo kon ik, samen met de onderzoeker, terugkijken wat er was gebeurd die nacht. Ik zag mezelf door de slaap dobberen: neer naar diepe slaap en op en weer neer, en op. ‘Dit is je droomfase,' zei de onderzoeker. Zijn vinger gleed over het papier langs het tweede deel van de nacht. ‘Ziet er prima uit.' Alles wijst er dus op dat ik elke nacht droom. Gek zo'n leven vol avontuur, waar ik niets van weet.

 

 

Mark Mieras, wetenschapsjournalist en columnist Hersen Magazine.  

Auteur van drie boeken: 'Heftige hersens!' Ben ik dat?' en 'Liefde'. 


Meer artikelen in HersenenSlaap

Reageer op dit artikel