Wat is een depressie?

Als je een depressie hebt, betekent het dat je geestelijk lijdt. Je hebt er elke dag last van. Depressie is een ingewikkelde ziekte waarbij verschillende delen van je hersenen betrokken zijn.

Er zijn verschillende depressies. Bij een lichte depressie kun je met weinig hulp toch verder. Een huisarts of praktijkondersteuner kan je vaak al in een paar gesprekken helpen. Bij een ernstige depressie heb je veel meer klachten, die ook ernstiger zijn. Bijna altijd is dan snel professionele hulp nodig. Soms duurt een depressie erg lang, dat heet een ‘chronische’ depressie.

Hoe lang duurt een depressie?

Een depressie kan een paar weken of zelfs maanden duren. Sommige mensen raken in hun leven één keer depressief, andere mensen krijgen vaker last van een depressie. Bij ongeveer 50% van de mensen duurt een depressieve periode korter dan drie maanden. Bij 15 tot 20% van de patiënten wordt de depressie chronisch, dat wil zeggen dat de depressie wel meerdere jaren kan duren. Periodes met zware klachten worden dan soms afgewisseld met periodes waarin het beter gaat.

De kans op een terugval, dat betekent dat een depressie terugkomt, is groot. Daarom is er bij de behandeling van depressie steeds meer aandacht voor het voorkomen van een terugval.

Andere soorten depressie

Naast lichte, zware en chronische depressies zijn er nog andere soorten van depressie.

  • Seizoensgebonden depressies, zoals depressies waarvan je last kunt hebben in de herfst of winter.
  • Postnatale depressies vlak na een bevalling (‘post partum depressie’). Dit kan ontstaan door hormoonwisselingen waardoor de schildklier in de war raakt. Of door een tekort aan vitaminen en mineralen tijdens de zwangerschap.
  • Psychotische depressies die voortkomen uit een hele zware depressie. Je bent dan niet alleen heel somber maar ervaart dan ook hallucinaties en gedachten die niet kloppen met de waarheid. Je denkt bijvoorbeeld dat je overal schuld aan hebt, dat je arm bent, of dat je niet meer leeft. Dit is meestal een angstige ervaring wanneer het je overkomt. Eén op de vijf patiënten die vanwege een depressie worden opgenomen in een kliniek heeft ook psychotische kenmerken.
  • Depressies bij mensen met een bipolaire stoornis(‘manisch-depressief’). Iedereen heeft weleens last van stemmingswisselingen. De ene keer zie je alles somber, de andere keer ben je heel vrolijk en opgewekt. Maar terwijl een depressie diepe somberheid is, is er bij een bipolaire stoornis ook sprake van overdreven enthousiasme waarin de pieken en dalen veel groter zijn. De invloed van pieken en dalen op leven, werk en omgeving daarom ook.
  • Dysthymie is een lichtere vorm van een depressie. Kenmerkend hiervoor is een gebrek aan plezier en voldoening in je leven. Net als bij een depressie spelen deze klachten langere tijd. Je kunt tussendoor misschien even geen of minder last ervan hebben. Maar meestal heb je binnen enkele maanden toch weer een gevoel van lichte neerslachtigheid en gebrek aan plezier.

Folder | Leven met depressie

In de folder ‘Leven met een depressie’ lees je onder andere over de symptomen, oorzaken en verschillende behandelingen van deze complexe hersenaandoening.

Wanneer ga je hulp zoeken?

Als je veel last hebt van een sombere stemming, niet meer kunt genieten of slecht slaapt, is het verstandig naar je huisarts te gaan. Bespreek waar je last van hebt en kijk je samen hoe je er beter mee om kan leren gaan.

Dan stelt de huisarts een behandelplan op en kijkt wat hij of zij zelf kan doen. Klachten ontstaan vaak geleidelijk. Als je er vroeg bij bent, kan de huisarts je klachten met hulp van een praktijkondersteuner of van een psycholoog al verhelpen.

Als een depressie je leven blijft overheersen, kan de huisarts je doorverwijzen naar een psycholoog of psychiater, liefst één die werkt in een team met verschillende specialisten. Vaak zijn er verschillende behandelingen mogelijk die elkaar steunen.

Waarschuwing

Soms kun je je zo slecht voelen dat je niet verder wil leven. Praat er over met je huisarts, vraag bijvoorbeeld om een dubbele afspraak buiten het spreekuur, dan heb je meer tijd.

Heb je last van zelfmoordgedachten: bel meteen de hulplijn 0900-0113. Daar is iemand met wie je kan praten en die je kan helpen. Praten over zelfdoding kan bij deze landelijke hulplijn voor zelfmoordpreventie. Of kijk op www.113.nl.

Waaraan herken je een depressie?

Iedereen heeft wel eens last van een sombere periode. Een depressie is meer dan vaak somber zijn. Waaraan herken je een depressie?

De klachten verschillen voor iedere persoon, maar een depressie heeft vaak grote invloed. Vaak heb je helemaal nergens energie voor, heb je veel meer moeite met je werk. Je kunt het bijna niet volhouden om naar je werk te gaan. Je ziet overal tegenop. Je hebt de neiging om niet goed te zorgen voor het huishouden en jezelf. Je sport minder, eet minder gezond. Ook zoek je minder contact met je vrienden, je trekt je steeds meer terug. Daardoor kom je steeds meer alleen te staan: dat maakt dan weer jouw negatieve gevoel over jezelf sterker. Het is alsof je in een groot zwart gat zit.

Kinderen, jongeren of ouderen hoeven niet per sé somber te zijn, bij hen uit depressief gedrag zich bijvoorbeeld in een prikkelbare stemming die dagenlang terugkomt. 

Lijst kenmerken depressie

Als je last hebt van een depressie heb je altijd last van:

  • Een somber gevoel
  • Minder plezier in de dingen, minder interesse in alles
  • Een somber gevoel
  • Minder plezier in de dingen, minder interesse in alles

En er zijn nog meer kenmerken. Als je een depressie hebt, herken je vast een aantal van de volgende klachten:

  • Concentratieproblemen of besluiteloosheid
  • Een gevoel van dat je niks waard bent, of schuldgevoelens
  • Vermoeidheid en verlies van energie
  • Geen zin hebben in seks
  • Vaak terugkerende negatieve gedachten, veel piekeren
  • Duidelijke verandering in gewicht, veel meer eten of juist veel minder
  • Slaapproblemen: meer of juist minder slapen
  • Voortdurende onrust of traagheid met je lichaam
  • Concentratieproblemen of besluiteloosheid
  • Een gevoel van dat je niks waard bent, of schuldgevoelens
  • Vermoeidheid en verlies van energie
  • Geen zin hebben in seks
  • Vaak terugkerende negatieve gedachten, veel piekeren
  • Duidelijke verandering in gewicht, veel meer eten of juist veel minder
  • Slaapproblemen: meer of juist minder slapen
  • Voortdurende onrust of traagheid met je lichaam

Annemiek lijdt sinds haar 15e aan zware depressies

Annemiek & haar vriend Thom vertellen over de zware depressies van Annemiek. Zij beschrijft ze als een gevoel van diepe rouw.

550.000

Mensen waren erin 2016  met een depressie in Nederland.

Tussen 25-45 jaar

openbaart zich een depressie meestal. Maar het komt voor bij alle leeftijden.

2x zo vaak

Depressies komen twee keer zo vaak voor bij vrouwen als bij mannen.

Oorzaken

Er is niet één speciale oorzaak voor het ontstaan van een depressie. Het is bijna altijd het gevolg van een combinatie van biologische, sociale en psychische factoren.

  • Biologische factoren

    Erfelijkheid is de belangrijkste biologische factor. In sommige families komen depressies vaker voor dan in andere. Bij vrouwen komt een depressie twee keer zo vaak voor als bij mannen. Andere mogelijke biologische factoren zijn een stress-, hormoon- of immuunsysteem dat in de war is. Maar ook het gebruik van medicijnen, alcohol en drugs kunnen het ontstaan van een depressie veroorzaken. Een hogere kans bestaat er ook voor mensen die lijden aan andere ziekten, zoals dementie, de ziekte van Parkinson of na een beroerte.

  • Sociale factoren

    Ook een grote gebeurtenis of ernstige stress kan een depressie veroorzaken. Bijvoorbeeld het overlijden van je naaste, een scheiding of een ontslag. De depressie komt dan niet altijd meteen na de gebeurtenis, maar enige tijd later.

    Seksuele, lichamelijke of geestelijke mishandeling in je jeugd kan je soms jaren later in je leven depressief maken.

    Een depressie kan ook erin sluipen. Mensen die zich bijvoorbeeld lang eenzaam voelen en/of een klein sociaal netwerk hebben, hebben ook een hoger risico op het ontwikkelen van een depressie.

  • Psychologische factoren

    Gevoeligheid voor een depressie kan ook te maken hebben met geestelijke factoren: sommige persoonlijke eigenschappen of karaktertrekken. Angst om te mislukken, weinig zelfvertrouwen en moeite om steun te vragen kunnen bijvoorbeeld het risico verhogen.

    Een depressie kan veel oorzaken hebben, maar kan ook ‘zomaar’ ontstaan. Omdat er vaak geen duidelijke reden of oorzaak is, kan het extra frustrerend zijn als je in een depressie zit. Een depressie zie je meestal niet aan de buitenkant van iemand. Daarom kan je je met een depressie vaak zo onbegrepen en alleen voelen.

Erfelijkheid is de belangrijkste biologische factor. In sommige families komen depressies vaker voor dan in andere. Bij vrouwen komt een depressie twee keer zo vaak voor als bij mannen. Andere mogelijke biologische factoren zijn een stress-, hormoon- of immuunsysteem dat in de war is. Maar ook het gebruik van medicijnen, alcohol en drugs kunnen het ontstaan van een depressie veroorzaken. Een hogere kans bestaat er ook voor mensen die lijden aan andere ziekten, zoals dementie, de ziekte van Parkinson of na een beroerte.

Ook een grote gebeurtenis of ernstige stress kan een depressie veroorzaken. Bijvoorbeeld het overlijden van je naaste, een scheiding of een ontslag. De depressie komt dan niet altijd meteen na de gebeurtenis, maar enige tijd later.

Seksuele, lichamelijke of geestelijke mishandeling in je jeugd kan je soms jaren later in je leven depressief maken.

Een depressie kan ook erin sluipen. Mensen die zich bijvoorbeeld lang eenzaam voelen en/of een klein sociaal netwerk hebben, hebben ook een hoger risico op het ontwikkelen van een depressie.

Gevoeligheid voor een depressie kan ook te maken hebben met geestelijke factoren: sommige persoonlijke eigenschappen of karaktertrekken. Angst om te mislukken, weinig zelfvertrouwen en moeite om steun te vragen kunnen bijvoorbeeld het risico verhogen.

Een depressie kan veel oorzaken hebben, maar kan ook ‘zomaar’ ontstaan. Omdat er vaak geen duidelijke reden of oorzaak is, kan het extra frustrerend zijn als je in een depressie zit. Een depressie zie je meestal niet aan de buitenkant van iemand. Daarom kan je je met een depressie vaak zo onbegrepen en alleen voelen.

Tips voor mensen met een depressie

Je kunt als patiënt een aantal dingen doen:

  1. Bel de hulplijn 0900-0113 als je in een negatieve spiraal raakt van gedachten aan zelfmoord en de dood. Daar zijn fijne mensen die graag met je willen praten.
  2. Zoek hulp. Ga naar je huisarts of bespreek je gevoelens met je partner of vrienden en vraag hen je te helpen.
  3. Gun jezelf de tijd om te genezen, je bent ziek.
  4. Hou je aan een vast schema voor de dag. Zorg voor een goede nachtrust, werk aan je ‘slaaphygiëne’. Verdiep je eens in manieren om beter te leren slapen. Gebruik niet te lang slaap- en kalmeringsmedicijnen (benzo’s).
  5. Eet regelmatig en gezond en beweeg regelmatig, ga buiten wandelen.
  6. Hoe moeilijk ook, probeer afleiding te zoeken: zoek contact met anderen, ga naar buiten, doe dingen waar je eerder ook plezier uit hebt gehaald.
  7. Ga een dagboek bijhouden. Sta daarbij elke dag even stil bij drie dingen waar je dankbaar voor bent en benoem de kleine positieve momenten.
  8. Probeer bij jezelf na te gaan wat de depressie heeft veroorzaakt, ook om terugval te voorkomen.

Advies voor naasten, zorgprofessionals en omgeving van patiënten met een depressie

Voor partners en familie kan het net zo moeilijk zijn om met gevolgen van een depressie om te gaan als voor de patiënt zelf. Een patiëntenvereniging als de Depressie Vereniging is er ook voor naasten (‘lotgenotencontact’). Daar kun je met je familie terecht voor meer hulp en sociale steun.

Zorgen voor naasten, ook wel mantelzorg genoemd, is voor de meeste mensen logisch. Als één van je gezinsleden, familieleden of vrienden depressief is, wil je natuurlijk graag helpen. Soms kun je meer doen dan je denkt, ook als collega of werkgever. En ben je partner van een depressieve patiënt dan is het niet altijd even makkelijk. Mantelzorg is hulp die verder gaat dan wat de overheid ‘gebruikelijke hulp’ noemt. Hieronder een paar tips.

  • Tips voor mantelzorgers en naasten

    1. Bied steun door niet te oordelen, maar te luisteren.
    2. Begin geen gesprek over de depressie als de ander hier (nog) geen behoefte aan heeft.
    3. Word niet boos om vergeetachtigheid, vermoeidheid en slecht luisteren, deze klachten horen bij depressie.
    4. Wees voorzichtig met commentaar. Het kan voor iemand met depressie extra pijnlijk zijn.
    5. Zodra het iets beter gaat met je naaste: zorg voor afleiding. Stimuleer activiteit, vooral beweging; ga mee wandelen bijvoorbeeld.
    6. Blijf positief en complimenteer met kleine verbeteringen. Vermijd te veel goedbedoelde adviezen.
    7. Let op gedachten over zelfmoord. Geef ruimte en vertrouwen om deze gedachten te bespreken. Voor advies kun je, ook als naaste, terecht bij hulplijn 0900-0113.
    8. Zorg ook goed voor jezelf: bewaak je eigen grenzen en zorg voor ontspanning. Je bent vaak de spil en het anker voor je naaste, dat moet je kunnen volhouden. Vraag ook andere familieleden of vrienden, om mee te helpen bij de zorg voor je naaste of voor je kinderen.
  • Tips voor zorgprofessionals

    1. Wees je ervan bewust dat bij een depressie de aandacht van de patiënt beperkt is. Houd daarom de aandachtsboog klein en overzichtelijk.
    2. Voorkom dat een patiënt meerdere taken tegelijk moet uitvoeren.
    3. Geduld en empathie helpen iemand vooruit, daarmee voorkom je onnodige faalervaringen en stress.
  • Tips voor collega’s, werkgevers, UWV & bedrijfsarts

    Bekijk ook video’s en ervaringsverhalen om je in te leven in de wereld van de patiënt.

Tips voor mantelzorgers en naasten

  1. Bied steun door niet te oordelen, maar te luisteren.
  2. Begin geen gesprek over de depressie als de ander hier (nog) geen behoefte aan heeft.
  3. Word niet boos om vergeetachtigheid, vermoeidheid en slecht luisteren, deze klachten horen bij depressie.
  4. Wees voorzichtig met commentaar. Het kan voor iemand met depressie extra pijnlijk zijn.
  5. Zodra het iets beter gaat met je naaste: zorg voor afleiding. Stimuleer activiteit, vooral beweging; ga mee wandelen bijvoorbeeld.
  6. Blijf positief en complimenteer met kleine verbeteringen. Vermijd te veel goedbedoelde adviezen.
  7. Let op gedachten over zelfmoord. Geef ruimte en vertrouwen om deze gedachten te bespreken. Voor advies kun je, ook als naaste, terecht bij hulplijn 0900-0113.
  8. Zorg ook goed voor jezelf: bewaak je eigen grenzen en zorg voor ontspanning. Je bent vaak de spil en het anker voor je naaste, dat moet je kunnen volhouden. Vraag ook andere familieleden of vrienden, om mee te helpen bij de zorg voor je naaste of voor je kinderen.

Tips voor zorgprofessionals

  1. Wees je ervan bewust dat bij een depressie de aandacht van de patiënt beperkt is. Houd daarom de aandachtsboog klein en overzichtelijk.
  2. Voorkom dat een patiënt meerdere taken tegelijk moet uitvoeren.
  3. Geduld en empathie helpen iemand vooruit, daarmee voorkom je onnodige faalervaringen en stress.

Tips voor collega’s, werkgevers, UWV & bedrijfsarts

Bekijk ook video’s en ervaringsverhalen om je in te leven in de wereld van de patiënt.

Behandeling van depressie

Een behandeling van een depressie kan bijvoorbeeld bestaan uit coachende begeleiding, psychotherapie of antidepressiva. Er zijn ook heel specialistische behandelingen voor mensen met een lange ernstige depressie.

  • Eenvoudige hulp

    Bij een lichte depressie helpen zijn er eenvoudige manieren om je weer beter te gaan voelen. Voorbeelden zijn zelfhulp, online tools (e-health) en begeleiding om dagelijks activiteiten te ondernemen en te bewegen of sporten.

  • Psychotherapie

    Psychotherapeutische hulp helpt bij een zware en/of terugkerende depressie. De huisarts verwijst je door. Bij een psychotherapeutische behandeling leer beter met je depressie omgaan. Je wordt dan minder kwetsbaar. Er zijn verschillende soorten:

    • Interpersoonlijke Psychotherapie (IPT): een korte gesprekstherapie die speciaal bedoeld is voor de behandeling van depressieve patiënten. Je gaat heel praktisch met één, hoogstens twee probleemgebieden aan de slag die je laatst uit evenwicht hebben gebracht.
    • Cognitieve Gedragstherapie (CGT): een therapie waarbij je leert om sombere gedachten om te zetten in ‘helpende’ gedachten. Door je gedachten te veranderen en oefeningen te doen kun je je gedrag en gevoel veranderen. Je gaat actief met verschillende huiswerkopdrachten aan de slag.
    • Kortdurende Psychoanalytische Steungevende Psychotherapie (KPSP): een therapie die helpt depressieve klachten minder te maken. Tijdens de behandeling verandert ook de manier waarop je naar jezelf en anderen kijkt. Het verbetert je zelfvertrouwen en je relaties met anderen worden plezieriger. Zo kun je voorkomen dat stress of een tegenslag in je leven weer leidt tot een depressie.
  • Medicatie

    Antidepressiva: medicijnen die je helpen te genezen van een depressie. In onze hersenen zijn boodschapperstoffen (neurotransmitters) actief, die zorgen dat de hersenen goed met elkaar communiceren. Serotonine en noradrenaline zijn boodschapperstoffen die belangrijk zijn bij angst en somberheid. Antidepressiva beïnvloeden deze neurotransmitters en kunnen klachten verbeteren. Vaak schrijft een arts medicatie voor in combinatie met psychotherapie.

  • Therapie via je lichaam

    Er zijn ook behandelingen via je lichaam.

    1. Elektroshock: Electro Convulsie Therapie (ECT) helpt bij een ernstige depressie. Het is een effectieve behandeling voor een langdurig ernstige depressie. De behandeling gebeurt onder narcose. Op de korte termijn werkt ECT erg goed, wel 50 tot 70% van de therapieresistente depressieve patiënten hebben er baat bij.
    2. Deep Brain Stimulation (DBS) helpt bij een lange ernstige depressie: een hersenstimulatie via een hersenoperatie. Met een stimulator probeert de arts dan bepaalde gebieden in de hersenen te beïnvloeden. Een gespecialiseerd neurochirurg brengt elektroden via een klein boorgaatje in de schedel naar dieper gelegen hersengebieden om deze gebieden meer te activeren zodat ze weer beter gaan werken.
  • Speciale behandeling

    Bij speciale vormen van depressie worden ook andere behandelmethoden gebruikt. Zo helpt lichttherapie bij mensen met seizoensgebonden depressie. Lichttherapie zorgt ervoor dat je behoefte aan slaap minder wordt. Ook nemen andere klachten af, waardoor je veel beter kunt werken en dingen doen. En hierdoor voel je je beter.

Bij een lichte depressie helpen zijn er eenvoudige manieren om je weer beter te gaan voelen. Voorbeelden zijn zelfhulp, online tools (e-health) en begeleiding om dagelijks activiteiten te ondernemen en te bewegen of sporten.

Psychotherapeutische hulp helpt bij een zware en/of terugkerende depressie. De huisarts verwijst je door. Bij een psychotherapeutische behandeling leer beter met je depressie omgaan. Je wordt dan minder kwetsbaar. Er zijn verschillende soorten:

  • Interpersoonlijke Psychotherapie (IPT): een korte gesprekstherapie die speciaal bedoeld is voor de behandeling van depressieve patiënten. Je gaat heel praktisch met één, hoogstens twee probleemgebieden aan de slag die je laatst uit evenwicht hebben gebracht.
  • Cognitieve Gedragstherapie (CGT): een therapie waarbij je leert om sombere gedachten om te zetten in ‘helpende’ gedachten. Door je gedachten te veranderen en oefeningen te doen kun je je gedrag en gevoel veranderen. Je gaat actief met verschillende huiswerkopdrachten aan de slag.
  • Kortdurende Psychoanalytische Steungevende Psychotherapie (KPSP): een therapie die helpt depressieve klachten minder te maken. Tijdens de behandeling verandert ook de manier waarop je naar jezelf en anderen kijkt. Het verbetert je zelfvertrouwen en je relaties met anderen worden plezieriger. Zo kun je voorkomen dat stress of een tegenslag in je leven weer leidt tot een depressie.

Antidepressiva: medicijnen die je helpen te genezen van een depressie. In onze hersenen zijn boodschapperstoffen (neurotransmitters) actief, die zorgen dat de hersenen goed met elkaar communiceren. Serotonine en noradrenaline zijn boodschapperstoffen die belangrijk zijn bij angst en somberheid. Antidepressiva beïnvloeden deze neurotransmitters en kunnen klachten verbeteren. Vaak schrijft een arts medicatie voor in combinatie met psychotherapie.

Er zijn ook behandelingen via je lichaam.

  1. Elektroshock: Electro Convulsie Therapie (ECT) helpt bij een ernstige depressie. Het is een effectieve behandeling voor een langdurig ernstige depressie. De behandeling gebeurt onder narcose. Op de korte termijn werkt ECT erg goed, wel 50 tot 70% van de therapieresistente depressieve patiënten hebben er baat bij.
  2. Deep Brain Stimulation (DBS) helpt bij een lange ernstige depressie: een hersenstimulatie via een hersenoperatie. Met een stimulator probeert de arts dan bepaalde gebieden in de hersenen te beïnvloeden. Een gespecialiseerd neurochirurg brengt elektroden via een klein boorgaatje in de schedel naar dieper gelegen hersengebieden om deze gebieden meer te activeren zodat ze weer beter gaan werken.

Bij speciale vormen van depressie worden ook andere behandelmethoden gebruikt. Zo helpt lichttherapie bij mensen met seizoensgebonden depressie. Lichttherapie zorgt ervoor dat je behoefte aan slaap minder wordt. Ook nemen andere klachten af, waardoor je veel beter kunt werken en dingen doen. En hierdoor voel je je beter.

Gevolgen van een depressie

Een depressie kan grote gevolgen hebben voor je dagelijkse leven. Je kunt vaak nog maar voor een deel of zelfs niet meer werken, voor je gezin zorgen of onderwijs volgen. Vaak zijn er ook lichamelijke klachten waardoor je leven en je naaste omgeving in de war raakt.

Voorbeelden zijn een slecht slaapritme, energieverlies, veranderde eetlust, verstopping van de darmen of geen zin hebben in seks. Gevoelens van angst, somberheid, wanhoop en uitzichtloosheid kunnen zo ondraaglijk zijn dat mensen denken aan zelfmoord. Ook hebben mensen met een depressie een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

Voor mensen die een depressie krijgen zonder een verdrietige of stressvolle aanleiding, is het soms moeilijk om erkenning te krijgen. Zelfs bij psychiaters bestaat er soms nog de overtuiging dat mensen niet depressief kunnen zijn zonder een sociale aanleiding in hun leven.

Gevolgen voor de omgeving

Samenleven met iemand met een depressie is zwaar. De partner, kinderen en andere naaste familie en vrienden staan extra onder druk door het somber zijn. Met zoveel negatieve tekens is het voor de mensen in de omgeving ook moeilijk om positief te blijven en te blijven begrijpen. Daardoor kunnen zij zich ook machteloos, gefrustreerd, eenzaam en wanhopig voelen.

Tips voor het verkleinen van het risico op depressie

Hoe kun je gezond blijven en het risico op een depressie kleiner maken?

  • Versterk je mentale kracht, leer om te gaan met teleurstelling en pech. Met een mooi woord kun je dat ‘mentale hygiëne’ noemen.
  • Volg ook in een periode vol stress je gewone dagelijkse patronen. Houd je aan een vast dag- en nachtritme.
  • Ook gezond eten en regelmatig buiten bewegen verkleint het risico op een depressie.
  • Onderhoud regelmatig je sociale contacten, ook als je het wat moeilijker hebt. Zij vormen je vangnet. En praat met je partner, ook als je verdrietig bent of je onbegrepen voelt.

Deze tekst over depressie is gemaakt in samenwerking met:

  • Prof. dr. Robert A. Schoevers, psychiater, UMCG te Groningen
  • Dr. mr. Christiaan H. Vinkers, psychiater, Amsterdam UMC