“Pip, ik ben blij dat je je wat beter voelt maar nu wegwezen!! Je loopt vreselijk in de weg!” “Maar…de pot met de rode bessenstruik heeft luis..  en de pot met zonnehoedjes…” “NU!!” Kees kijkt mij met zijn diepvriesblauwe ogen aan dus ik ga terug naar de bank, hijg.. puf.

In het ziekenhuis

Ik ben een paar dagen terug uit het ziekenhuis. Het had met mutatie en het RS virus te maken. Het zal wel maar ik was er klaar mee. Gelukkig had ik wel een eigen kamer maar recht tegenover mij was dus een andere kamer met een luidruchtige dame. “Geef mij eens water! Ik eet geen aardappels ik eet alleen aardappelpuree. Jullie moeten mijn huis schoonmaken anders krijg ik het weer benauwd. Ik ga niet naar huis ik heb recht op nog een maaltijd! Jullie discrimineren mij!!” Kortom, de headquarters (mijn brein) op tilt en de bloeddruk te hoog.

Aanwaaigedachte over de bessenstruik

In ieder geval was het een lange week en ik ben nu gelukkig thuis, maar de rode bessenstruik heeft luis.. oh ja, volgens mijn coach, Bastin Alexander van de opvoedshow, is dit een aanwaaigedachte, die mag er zijn maar ik hoef er niks mee te doen. Dat zal wel maar ik wil die luis uit de bessenstruik hebben. Het gepiep en gerochel gaat vrolijk verder op mijn borst. Het medicijn waarvan ik al vijf infusen op heb is ineens omstreden. Het lichaam moet het nu zelf doen. Dat gaat dus niet, die tijd heb ik niet want de rode bessenstruik heeft luizen en dat is nu prioriteit. Als Kees nu de pot een paar meter opschuift is het probleem al een stuk kleiner, maar het is verstandiger om op de bank te blijven liggen.

Gevaccineerd, dat wel, twee keer en nu toch op de bank! We waren zo voorzichtig! Kees komt binnen en ik lig keurig op de bank. Zal ik het proberen want die rode bessenstruik laat mij niet los. “Uh..zo terug!” geeft kees aan en is weer in de tuin. En dan heb ik ook nog groene zeep en spiritus nodig om in de plantenspuit te doen …  het gaat allemaal niet lukken, vrees ik.

Dan komt kees weer binnen met babyblauwe ogen. “Ik ga eerst even een lekker kopje koffiezetten”, geeft hij aan. Dat gaat goed en ik pak mijn kans. “Zeg kees, die pot met de rode bessenstruik…” “nou”, zegt kees, “die pot stond in de weg en staat nu een paar meter verder.” Ahh, rust in de tent. Die groene zeep komt nog wel.

Rust?

Dan belt Nica, “mam kun je een beetje van de rust genieten? Verveel je je niet vreselijk.” “Nee hoor”, zeg ik vrolijk, “in the headquarters is het lekker busy! De rode bessenstruik heeft luis en…” dan valt Nica mij in de rede, “lekker belangrijk mam!” Knap nou maar eerst op!


Lees hier de vorige blog van Pip