‘Ik had een angst voor de nacht ontwikkeld’
15 October, 2026
Thursday 15 october 2026
Nicolas weet uit eigen ervaring hoe ingrijpend hersenletsel is. Na zijn hersenbloeding in 2019 wilde hij vooral zo snel mogelijk zijn oude leven weer oppakken. Gaandeweg ontdekte hij dat herstel niet betekent dat alles weer wordt zoals daarvoor. Met zijn nalatenschap aan de Hersenstichting wil hij bijdragen aan onderzoek en perspectief voor anderen.
Nicolas staat op de Oude Markt in Enschede als het gebeurt. Hij presenteert een concert, doet zijn eerste aankondiging en loopt terug naar zijn stoel achter op het podium. Daarna wordt alles zwart. “Het volgende wat ik weet, is dat ik in de ambulance zat op weg naar het ziekenhuis.”
Hij heeft geluk. Het ziekenhuis is dichtbij en hij krijgt snel medische hulp. Na twee weken opname begint zijn revalidatie. Hij wil vooral vooruit. Hij stopt met roken en drinken, wandelt dagelijks vele kilometers, slaapt veel en begint weer te schrijven. “Ik stond iedere ochtend vroeg op om te schrijven en na te denken.”
Omdat sommige dingen snel weer lukken, denkt Nicolas dat hij ook snel terug kan naar zijn werk. Dat blijkt te optimistisch. “Iedereen wil weer terug. Maar je hebt echt tijd nodig.” De gevolgen van zijn hersenbloeding zijn namelijk niet altijd zichtbaar. In de eerste maanden komen emoties veel sterker binnen en is ook zijn prikkelverwerking anders. “Je hebt geen filter meer voor wat binnenkomt. Maar ook niet voor wat eruit gaat.” Soms wordt hij in die periode midden in de nacht huilend wakker zonder te weten waarom.
Juist voor die minder zichtbare kant van herstel zou hij graag meer aandacht zien. In verhalen over hersenletsel gaat het volgens hem vaak over mensen die grote, zichtbare beperkingen houden. Die verhalen zijn belangrijk, maar er is ook een andere groep. Mensen die ogenschijnlijk goed herstellen, maar ondertussen moeten ontdekken wat nog lukt en hoe ze hun leven opnieuw vormgeven.
“Het zou mij dierbaar zijn om ook dat verhaal van hoop en toekomst een plek te geven.”
Nicolas pakt zijn werk weer op, maar merkt dat hij niet terug wil naar precies het leven van vóór zijn hersenbloeding. Jarenlang werkte hij hard in de Nederlandse cultuurwereld, de laatste jaren als directeur van een operagezelschap. Achteraf kijkt hij daar anders naar. “Ik heb al die jaren ontzettend hard gewerkt. Te hard gewerkt, en niet goed op mezelf gelet.”
De hersenbloeding zet hem aan het denken over wat hij belangrijk vindt. “Je gaat anders nadenken over het leven. Wat is belangrijk? Misschien is geluk wel het belangrijkste in het leven. En dat kan in een heel andere hoek zitten dan op je werk.” Cultuur verdwijnt daarmee niet uit zijn leven. Integendeel. Nicolas noemt zichzelf nog altijd “een theaterman”. Hij werkt weer volop en spreekt opnieuw voor groepen. Dat laatste is niet vanzelfsprekend: zijn hersenbloeding kreeg hij juist terwijl hij op een podium stond. “Het duurt wel even nadat je ziek bent geweest om dat weer te durven. Om te durven opstaan.”
Tijdens zijn herstel merkt Nicolas ook hoe groot de impact van hersenletsel op de mensen om hem heen is. Zijn partner speelt een belangrijke rol, maar moet zelf eveneens omgaan met een leven dat plotseling is veranderd. “Je directe omgeving is heel belangrijk. Je partner, je familie. Het is misschien voor hen nog lastiger dan voor jezelf.”
Samen zoeken zij bewust naar ruimte voor elkaar. Herstellen doe je samen, maar ieder moet ook op zijn eigen manier kunnen verwerken wat er is gebeurd. Voor Nicolas begint herstel uiteindelijk bij accepteren. Niet door te doen alsof de hersenbloeding er niet meer toe doet, maar door er anders mee om te leren gaan. “Je kunt zoiets niet loslaten. Ik geloof sowieso niet in loslaten, maar ik geloof wel dat je dingen anders vast kunt houden.”
Die blik op de toekomst speelt ook een rol in zijn keuze om na te laten aan de Hersenstichting. Nicolas en zijn partner collecteren al jaren voor de stichting. Toen zij hun testament gingen regelen, voelde het logisch om een volgende stap te zetten.
Ook de impact van een hersenbloeding op jonge mensen houdt hem bezig. Een paar jaar geleden overleed een jong meisje uit zijn omgeving aan een hersenbloeding. Het confronteerde hem met de vraag waarom dit ook jonge mensen kan overkomen. “Hoe overkomt het jonge mensen die niet te zwaar zijn, niet hebben gerookt of alcohol hebben gedronken, maar gewoon pech hebben? Ik vind het belangrijk dat daar onderzoek naar wordt gedaan.”
Met zijn nalatenschap steunt Nicolas het werk van de Hersenstichting. Hij hoopt dat dit leidt tot meer kennis van en onderzoek naar hersenaandoeningen.
Met zijn eigen verhaal hoopt hij bovendien te laten zien dat er na een hersenbloeding toekomst kan zijn. Niet noodzakelijk dezelfde toekomst die je voor ogen had, en niet zonder een lange zoektocht. Maar wel een leven waarin opnieuw ruimte kan ontstaan voor werk, relaties, cultuur en de dingen die betekenis geven.
“Je kunt wat je is overkomen een plek geven. Dan ontstaat er weer perspectief.”