Van een jonge vrouw zoals ik – kennelijk blakend van gezondheid – verwacht je niet dat ze niet kan lopen of staan. Je kunt op een feest niet zien dat ik niet aan de kant zit omdat ik niet dansen wil, maar dat het niet gaat. Je kunt in de winkel niet weten dat ik me zorgen maak om de rij, of in de bus dat ik mijn plaats af wil staan aan die oudere passagier maar zelf niet kan staan. Net zomin kun je de gevolgen van mijn hersenschudding aan me zien. Je kunt niet zien dat ik vaak al het geluid opmerk en dat me dat snel te veel wordt. Je kunt niet weten dat ik soms plots overvallen word door duizeligheid of hoofdpijn en het gesprek niet meer kan volgen. Je kunt het niet weten, want je kunt het niet zien.

Oordelen

Dat heeft zijn voordelen en zijn nadelen. Ik vind het fijn als mensen me bekijken zonder me gelijk te beoordelen op wat ik allemaal niet kan. Aan de andere kant geeft het ook weleens vervelende situaties. Zoals de tramconducteur die me uitkafferde omdat ik niet naast mijn vouwfiets bleef staan, maar op de invalidenplaats ging zitten. Hij wilde niet geloven dat ik niet kon staan: “Anders ga je er maar uit!” 

Hoe blij was ik dus toen de NS startte met de slogan: ‘Niet elke handicap is zichtbaar’. Het maakt bewust en geeft erkenning. Wie weet scheelt het mij een paar flauwe, misplaatste of lompe opmerkingen. 

Onzichtbaar verhaal

Je kunt mijn verhaal niet zien. En zo is het bij iedereen. Wie weet lag die lompe tramconducteur wel net in een scheiding, of maakte hij zich zorgen over zijn kind of het betalen van de huur. De afwezige kassadame, de vlotte verkoper, de toevallige voorbijganger: ik kan niet zien wat hen bezighoudt. Misschien lacht het leven hen toe, misschien hebben ze grote zorgen. Ieder heeft z’n verhaal, en dat zie je vaak niet van buitenaf. Dat vergeet ik wel eens. Soms oordeel ik te vroeg. Ik ga proberen om de ander steeds met een open blik tegemoet te blijven treden.

Vragen aan jou:

  • Wat draag jij met je mee wat niet aan de buitenkant te zien is, maar je wel erg beïnvloedt?
  • Let deze week eens op: hoe denk je over anderen? Vul je de redenen voor het gedrag van mensen wel eens in? Doe je dat op eerder veroordelend of juist verontschuldigend?
  • De volgende keer dat je je ergert aan iemand: Kun je je met oprechte interesse afvragen “wat zou diens verhaal zijn?” Wat doet dat?

Ottilia liep een aantal jaren geleden een hersenschudding op. Daarnaast is ze ook ‘rekbaar’. Zo rekbaar zelfs, dat ze daar erg veel last van heeft. Dat noemen ze dan het Hypermobiliteitssyndroom. Ze schrijft over haar leven met dit syndroom en hersenletsel in haar blogs ‘Rekbaar’.

Lees hier de vorige blog van Ottilia

Foto: Bartjan de Bruijn van www.mooimens.co