Tijdens het beantwoorden van een e-mail zag ik een andere e-mail binnenkomen, een berichtje dat ik eerst drie keer moest lezen voor het tot me doordrong, zo ongewoon was het. Een mail die ik niet verwachtte; ik had er ook gewoon nooit over nagedacht dat er zoiets zou kunnen gebeuren. In de mail werd me gevraagd of ik mee wilde werken aan een interview in het weekblad Margriet. Een interview? In Margriet? Ik? Ongeloof, verbazing, verrassing, trots en ook het besef dat dit een mooie kans was, streden om voorrang. Hoe kon dit? 

Wat blijkt … via de Hersenstichting werd ik benaderd of ik het leuk vond om mee te werken? Leuk? Dit was geweldig! Wie maakte dat nou mee. Toen ik van mijn verbazing bekomen was gaf ik aan dat ik dat wel wilde, graag zelfs, want hoe meer aandacht voor het postcommotioneel syndroom, hoe beter!  

Leven met een niet-aangeboren hersenletsel

Het zou een flink artikel worden; een artikel waarin neurologen aan het woord kwamen, maar waarin vooral ook de dagelijkse ervaring – een leven met een niet-aangeboren hersenletsel – een plek zou krijgen. Als dit bij kon dragen aan meer begrip over een ongrijpbaar, moeilijk letsel, dan graag. Elke stap was er een, elke stap was ook een hart onder de riem voor mijn lotgenoten. 

Toen duidelijk werd dat het niet alleen bij een interview bleef maar dat er ook een stylist en fotograaf bij betrokken zouden worden kwam er nogal wat op me af. Er moest geregeld worden, en flink ook, al was het dan niet zozeer door mezelf. Er was regelmatig en prettig contact, details werden ingevuld – foto’s gestuurd, kledingmaten en voorkeuren doorgegeven – en stap voor stap werkten we naar het interview, de visagie en de fotografie toe. 

Het interview

De vragen voor het interview ontving ik op mijn verzoek vooraf; dat werkte voor mij beter omdat ik er dan alvast over na kon denken. Het interviewt niet lekker als er steeds lange pauzes vallen en ik nog met de eerste vraag bezig was als de tweede al kwam. 

Het interview zelf vond telefonisch plaats; na een kort en intensief gesprek – dat overigens heel prettig verliep – en waarin ik een heleboel vertelde, sloten we af. Ik at een broodje en plofte vervolgens mijn bed in. 

De eerste opzet

Een paar dagen daarna ontving ik de eerste opzet; positief verrast dat zoveel informatie zo kernachtig terug gebracht was tot een mooie weergave van mijn dagelijks leven. En hoewel dat natuurlijk precies de bedoeling was, vond ik het wel echt knap. 

Het regelen van de fotoshoot was een ander dingetje. Afhankelijk van vervoer – autorijden en de snelweg zijn voor mij een nog steeds niet werkende combinatie – was het voor mij handig te plannen op een dag dat mijn man of dochter vrij waren, zodat ze met me mee konden. 

Visagie en styling

Voor ons geen probleem, maar al snel bleek dat het organisatorisch niet eenvoudig was, waarop besloten werd dat visagie en stylist niet door konden gaan. Eerlijk? Dat was even een domper, want hoewel het bakken met energie zou kosten, had ik me er ook wel op verheugd; een visagist, een kapper en een stylist die met me aan de slag gingen, wie wilde dat nou niet. Ik was bovendien wel benieuwd hoe ik er dan uit zou zien en welke kleding er gekozen zou worden, want het vooraf opgegeven kleurenpalet – elke Margriet heeft een eigen moodboard – sloot absoluut niet aan bij wat ik in mijn kast had hangen. Een metamorfose op zich die ik graag aan wilde gaan. 

Uiteindelijk pakte het allemaal goed uit en vond ik het toch ook wel fijn dat ik de reis niet hoefde te maken, dat ik niet zo vroeg mijn bed uit hoefde en dat er geen drukte en gedoe om me heen waren. Ik moest echter wel even gaan nadenken over mijn kleding en make-up, juist vanwege dat kleurenpalet. 

Mijn haar was geen probleem; dat zat eigenlijk altijd probleemloos goed. Ik was gezegend met die dikke bos haar waarmee ik alle kanten op kon. Die dikke bos waarvan mijn kapster benoemde dat ik werkelijk de enige klant was waarbij alleen maar uitgedund hoefde te worden, zoveel haar zat er op mijn hoofd. 

Wat de kleding betrof bracht ik een bezoekje aan mijn favoriete kledingwinkel in het dorp. Ik legde uit wat de bedoeling was, vroeg en kreeg hulp van mijn ‘vaste’ verkoopster en hoorde als klap op de vuurpijl dat ik de kleding voor de shoot niet hoefde aan te schaffen maar het rustig even mocht lenen. Wat een service! Overigens heb ik de kleding daarna toch zelf aangeschaft, gewoon omdat ik er blij van werd en dat was nou precies de bedoeling. 

De make-up was een ander verhaal; ik was niet zo van de make-up – verder dan een foundation en een mascara kwam ik eigenlijk nooit – en vroeg advies aan mijn ‘bonusdochter’. Met haar tips kocht ik nieuwe make-up en ging ik aan de slag. 

De fotoshoot

Op de dag van de fotoshoot deed ik mijn haar en make-up dus zelf-met-tips en was ik best tevreden met het resultaat. De fotoshoot was een belevenis op zich. De fotografe was een geweldig leuke meid, de sfeer was ontspannen en ik begon – na het schieten van de eerste foto’s – te genieten van het poseren. Ik, die niet zo van de foto’s was. Ik, die altijd vond dat ze niet mooi op een foto stond. Complimenten kreeg ik, voor haar, make-up en kleding. En donkergroen? Hoewel niet gedacht, bleek het toch een kleur voor mij. Vaker doen dus! 

Ik viel die ochtend dan ook van de ene in de andere verbazing; was ik dat? Hoe dan?! Het leverde vele tientallen foto’s op die we samen bekeken en waarvan we de allerleuksten uitzochten, en dat waren er nogal wat. Uiteindelijk zou ik pas bij het verschijnen van de Margriet zien welke foto het dan echt geworden was, en dat duurde nog een aantal maanden.

Leeggezogen, maar trots!

De rest van de dag voelde ik me – naast leeggezogen – ook trots. Trots op de stap die ik gezet had, trots op de kans die ik kreeg om dit letsel onder de aandacht te brengen, trots op mezelf! Bovendien zou ik echt nooit meer zeggen dat ik niet leuk op een foto kon staan. Het tegendeel was bewezen, met dank aan deze geweldig leuke, professionele fotograaf. 

Ik bleef kijken naar mijn foto, zo stralend, zo prachtig … het regende complimenten van de mensen om me heen, van de mensen die me lief waren. 

Dank je wel voor deze kans; de kans om bij te dragen, de kans om te vertellen hoe het is te leven met een niet-aangeboren hersenletsel, de kans om lotgenoten een hart onder de riem te steken. Dank je wel ook aan de stichting, Ingeborg (Menger Mode Glanerbrug), Dorien Dijkhuis (interview), Marloes Bosch (fotografie) en Margriet … dit was óók een cadeautje voor mezelf! ❤️


Lees hier de vorige blog van Renate

In maart 2019 krijgt Renate een vreselijk auto-ongeluk en loopt daardoor hersenletsel op. Naast het Post Commotioneel Syndroom (PCS) heeft Renate last van whiplashgerelateerde klachtentinnitus en BPDD (draai duizeligheid). Ze blogt ook op haar eigen website Heibel in mijn hersenpan over de zoektocht naar haar nieuwe ik. Ook schreef ze boek Heibel in mijn hersenpan. Heb je interesse in het boek? Stuur haar dan een berichtje via Heibelinmijnhersenpan@gmail.com. De prijs van het boek is €16, exclusief verzenden. 

Fotocredits: Marloes Bosch – Tijdschrift Margriet